Skip to main content

XProtect Management Client

Adaptief afspelen

Last Updated: 2 minute read
Versie2026r1
TaalNederlands

Adaptief afspelen is een configuratie waarmee adaptieve streaming in de afspeelmodus kan worden gebruikt.

Adaptief afspelen vereist twee opnamestreams, een primaire en een secundaire stream. Als beide streams zijn ingeschakeld in de Management Client, worden beide streams opgenomen.

  • Als je video afspeelt van een periode voordat de secundaire opname werd geconfigureerd, worden alleen de primaire opnamen afgespeeld.

  • Als je video afspeelt die is opgenomen nadat de secundaire opname is geconfigureerd, wordt de video afgespeeld van de primaire of secundaire opname, afhankelijk van wat het beste overeenkomt met de weergavegrootte van de client.

Beschikbaarheid

Opmerking

De beschikbare functies zijn afhankelijk van het systeem dat u gebruikt. Zie de volledige lijst met functies, die beschikbaar is op de productoverzichtspagina op de Milestone website (<link xlink:href="https://www.milestonesys.com/products/software/xprotect-comparison/">https://www.milestonesys.com/products/software/xprotect-comparison/</link>).

Adaptieve streaming inschakelen

Je kunt adaptief afspelen in combinatie met adaptieve streaming inschakelen op het tabblad Geavanceerd in Smart Clientprofielen en het moet ook worden ingeschakeld in XProtect Smart Client onder Instellingen > Geavanceerd > Adaptieve streaming. Raadpleeg Adaptieve streaming inschakelenvoor meer informatie over het mogelijk maken van adaptieve streaming in XProtect Smart Client.

Decentrale opnamen

Je kunt optioneel decentrale opnamen gebruiken voor adaptief afspelen. Met decentrale opnamen kun je beeldenreeksen van een stream bekijken met een andere, meestal hogere resolutie dan de rest van de stream. Je kunt bijvoorbeeld een primaire stream met een lage resolutie opnemen en opnamen van een bron met een hoge resolutie samenvoegen. Je kunt de samengevoegde decentrale opnamen inschakelen wanneer je door de gegevens bladert.

Decentrale opnamen worden opgeslagen in de mediadatabase en de resolutie van deze opnamen wordt ingesteld op individuele camera’s.

Resolutie van afgespeelde video

Bij gebruik van adaptief afspelen wordt de resolutie in de afgespeelde video bepaald door de huidige resolutie-instellingen voor de primaire en secundaire opnamen. Dat wil zeggen, bij afspelen is de keuze voor de primaire of secundaire stream gebaseerd op de resolutie die momenteel is ingesteld voor de respectieve opnamestreams.